Tussen takjes en herinneringen

Tussen takjes en herinneringen..
Vroeger was het een dag van geluid.
Van kinderen die met stokken liepen, versierd met snoep, slingers en broodhaantjes. Kleine handen die trots iets droegen wat groter voelde dan het was. Er werd gelachen, gesnoept, misschien een beetje gesmokkeld nog vóór we thuis waren. Het was licht. Onschuldig. Bijna feest.
We wisten nog niet wat deze dag eigenlijk met zich meedroeg.
Nu klinkt het anders. Zachter.
Geen uitbundige stemmen, maar het schuifelen van voeten,in een misschien wat lege kerk, in een kerkbank. Het aannemen van een palmtakje ; klein, groen, breekbaar. Alsof je even iets vastpakt wat je niet helemaal kunt uitleggen, maar wel voelt.
Het wordt mee naar huis genomen, achter een kruisje geplaatst, tussen foto’s van mensen die er niet meer zijn. Alsof het daar hoort. Alsof het iets verbindt , toen en nu, leven en verlies.
Want Palmzondag is niet alleen een begin.
Het is ook een herinnering aan wat komt.
Een intocht met een rand van afscheid.
Mensen die juichen, terwijl het verhaal al richting lijden beweegt. En misschien is dat precies waarom het zo dichtbij komt. Omdat het zo lijkt op ons eigen leven.
We kennen die momenten.
Dat alles nog heel lijkt, maar ergens al scheurt.
Dat je lacht, terwijl je voelt dat iets eindigt.
Dat je iemand vasthoudt, terwijl je diep vanbinnen weet dat je ooit moet loslaten.
Rouw begint zelden op het moment van afscheid.
Soms sluipt het al eerder naar binnen. In kleine stiltes. In blikken die blijven hangen. In woorden die je nog had willen zeggen, maar uitstelt ; alsof er altijd nog tijd is.
En dan ineens… is er alleen nog herinnering.
Een stoel die leeg blijft.
Een stem die je alleen nog in jezelf hoort.
Een naam die je zachter uitspreekt, omdat hij anders te zwaar voelt.
Palmzondag legt dat niet uit.
Het legt het naast je neer.
Dat takje , zo eenvoudig , draagt iets in zich wat we vaak vergeten:
dat nieuw leven niet begint zonder dat er eerst iets sterft.
Dat groei pijn kan doen.
Dat hoop niet de afwezigheid van verdriet is, maar het besluit om erdoorheen te blijven kijken.
Misschien is dat waarom mensen het bewaren.
Niet omdat het groot is, maar juist omdat het klein en echt is.
Zoals herinneringen.
Zoals liefde.
Zoals gemis.
En misschien, als je eerlijk kijkt, draag jij vandaag ook zo’n takje met je mee.
Niet zichtbaar. Maar voelbaar.
Iets of iemand die je moest of gaat loslaten.
Iets wat voorbij is, maar nog niet verdwenen voelt.
Een stukje van vroeger , met snoep en zorgeloosheid , dat je soms mist zonder dat je het hardop zegt.
Palmzondag vraagt niets van je.
Geen groot geloof. Geen perfecte woorden.
Alleen dit:
dat je even stil durft te staan bij wie je mist.
Bij wat geweest is.
En bij wat ,hoe voorzichtig ook , nog wil ontstaan.
Want ergens, heel diep onder het verdriet,
onder het afscheid, onder het gemis,
ligt iets wat niet kapot te krijgen is.
Iets dat blijft fluisteren:
dit is nog niet het einde

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *